Activiteitenrapport 2009 Federale overheidsdienst binnenlandse zaken

  



 
 

Kenniscentrum (KCCE)

 

          

 

 

 

 

 

 


 

Naast zijn activiteiten en knowhow op het vlak van de opleiding van het operationeel personeel van de CB en de BW, heeft het KCCE vele andere expertisedomeinen.

 

In 2009 was het KCCE ook actief als referentieplatform voor de interventies van de openbare hulpdiensten.  

 

  • Zowel vanuit praktisch oogpunt, wanneer het zijn experts ter beschikking stelt van een "klassieke" gespecialiseerde interventiemodule om het operationeel potentieel van die module te verhogen;
  • Als op het vlak van onderzoek en ontwikkeling, wanneer het een groep experts samenbrengt om na te denken over de wetenschappelijke vooruitgang, de schadelijke impact ervan op het milieu en onze infrastructuur, de mogelijke incidenten die eruit voortvloeien en de manier waarop deze incidenten vermeden of bestreden moeten worden.

 

Bovendien heeft het Centrum de Hervorming ondersteund bij haar inventarisatiewerkzaamheden op het terrein en heeft het een nieuw interventieverslag op punt gesteld, gevolgd door een studie over de informatisering van de brandweerdiensten.

 

Dit zijn slechts enkele van de opdrachten die het KCCE in 2009 tot een goed einde heeft gebracht.

 

Top


Het KCCE*: een katalysator voor de knowhow voor de gespecialiseerde interventiemodules van de openbare hulpdiensten

*Kenniscentrum – Centre de Connaissances – Centre of Expertise

 

Het Kenniscentrum maakt sinds halverwege 2008 deel uit van het Belgische landschap van de Civiele Veiligheid. Zoals de naam al aangeeft, heeft het KCCE als opdracht het beheren van de kennis met betrekking tot de civiele veiligheid, met name het verzamelen, verwerken, ontwikkelen en verspreiden van knowhow, expertise en andere competenties.

 

Hierbij stelt het KCCE zich niet tevreden met het coördineren van de theoretische werkzaamheden, het werkt ook mee aan de verwerving of aan de verbetering van de gespecialiseerde interventietechnieken door de operationele leden van de civiele veiligheid. Hiertoe heeft het KCCE actief de decontaminatiemodule van de Civiele Bescherming begeleid gedurende een groot deel van het traject – verschillende deelnames aan grootschalige internationale en nationale oefeningen – wat geleid heeft tot de conformiteit ervan met de Europese normen ter zake:

 

  • EULUX 2007: De Administration des services de secours van het Groot-Hertogdom Luxemburg (ASS), heeft, in samenwerking met de Europese Commissie en verschillende partnerlanden (Duitsland, België en Frankrijk) van 6 tot 9 juni 2007 een oefening inzake het beheer van een grootschalige crisis georganiseerd op het terrein van de voormalige industrieterreinen van Belval. Aan de oefening namen hulpverleningsteams deel van de vier organiserende landen, alsook van vier gastlanden, namelijk Hongarije, Nederland, Polen en Portugal, met een totaal van zo'n 400 hulpverleners en brandweerlieden. Het doel van de oefening was om op het terrein de interventiesnelheid, de interactie en de samenwerking van verschillende eenheden van de hulpverleningsdiensten uit verschillende landen te bekijken.

 

  • Var 2008: Van 4 tot 6 november 2008 vond een oefening van de civiele bescherming van Europese omvang plaats in Frankrijk, in het camp de Canjuers. Meer dan 800 artsen, brandweerlieden en redders uit Frankrijk, Duitsland, België, Spanje, Griekenland, Portugal, Italië, Zweden en Tsjechië namen deel aan deze oefening. Onder leiding van de prefectuur van het departement van de Var werden de hulpdiensten samengevoegd met de ordehandhavingseenheden en de gespecialiseerde militaire middelen om de doeltreffendheid van de samenwerking van de NRBC-modules van de negen Europese landen op het terrein te testen. Tijdens dit evenement is het KCCE naar voren getreden door met name de rol te spelen van Belgische voorbereider. Bovendien hebben verschillende leden ervan deelgenomen aan de oefening als waarnemer en sommigen, die als expert verbonden zijn aan het Kenniscentrum, als evaluator.

 

  • Walexpo 2009: De Civiele Bescherming heeft op 9 mei 2009 in Libramont in samenwerking met het KCCE een monodisciplinaire oefening met meer dan 150 deelnemers georganiseerd om de interventieprocedures te testen die voorzien zijn in het wettelijke kader van de noodplanning en het crisisbeheer voor de CMIC (Mobiele cel voor chemische decontaminatie) en de CMAC (Mobiele cel voor chemische analyse). Tijdens deze oefening waren interne waarnemers belast met de evaluatie van de naleving van deze procedures terwijl een externe firma, die gespecialiseerd is in de opstelling van noodplannen, uitgenodigd werd om de oefening te observeren.

 

  • "3 grenzen" 2009: Op 17 oktober 2009 lag het KCCE in de streek van het drielandenpunt van de provincie Luik aan de basis van de organisatie van een NRBC-oefening die tot doel had om de interventiekwaliteit van de decontaminatiemodule van de Civiele Bescherming maximaal te perfectioneren. Bij deze oefeningen waren de brandweerdiensten van Eupen, Aix-la-Chapelle (Aachen) en Maastricht betrokken. Bij deze gelegenheid was er ook een samenwerking met het THW, het Duitse federale agentschap voor technische hulpverlening, dat de oefening evalueerde, op het getouw gezet.
    Bovendien konden de verschillende teams tijdens deze oefening hun expertise uitwisselen en synergieën inzake de voor de decontaminatiecellen specifieke werkmethodes instellen.

 

Elke oefening speelde zich in een verschillende omgeving met een verschillend scenario af, maar telkens ging het om de simulatie van een of meerdere NRBC-ongevallen (nucleair – radiologisch – bacteriologisch – chemisch) die een besmetting van bepaalde intervenanten en een deel van de naburige bevolking tot gevolg hadden. Een team van een dertigtal personeelsleden van de Civiele Bescherming, voornamelijk vrijwilligers van de eenheid van Crisnée die uitgerust is met moderne massadecontaminatieapparatuur, nam dus deel aan deze vier oefeningen, met als einddoel het op Europees niveau vereiste expertiseniveau te bereiken in het domein van de decontaminatie.

 

Van bij de eerste oefening heeft de Belgische Civiele Bescherming een hoog competentieniveau laten zien inzake de voor de decontaminatie gebruikte technieken en processen. Er waren niettemin nog verbeteringen mogelijk. De belangrijkste lessen die uit de oefening EULUX 2007 getrokken moesten worden, betroffen een gebrek aan interactie tussen de verschillende ingezette decontaminatiemodules en vooral met de andere aanwezige moduletypes. De communicatie tussen de verschillende teams moest verbeterd worden en er moest een gemeenschappelijke technische woordenschat uitgewerkt worden.

 

 

Tijdens de tweede oefening, werden de competenties van de Belgische contaminatiemodule sterk gewaardeerd door zowel de « slachtoffers » als de andere teams ter plaatse.

 

 

De laatste twee oefeningen werden in België door de Civiele Bescherming georganiseerd met de gewaardeerde hulp van het KCCE. De oefening van Libramont om intern, maar met externe waarnemers, de verworven kennis en ervaring van de twee eerste oefeningen te perfectioneren. Tijdens de laatste, met externe actoren die het massadecontaminatieproces beheersen, kon vastgesteld worden dat de Civiele Bescherming in staat is om een decontaminatiemodule in te zetten die voldoet aan de Europese normen ter zake.

 

Aangezien het Kenniscentrum een plaats is die de expertise in de meest gevarieerde domeinen van de civiele veiligheid verenigt, zijn het zijn experts die instonden voor de opvolging van de uit elke oefening getrokken lessen. Ze hebben methodes uitgewerkt die toelaten om de verbeteringen te implementeren van de lessen die uit de praktijkoefeningen van de decontaminatiemodule van de Civiele Bescherming getrokken worden.

 

Top

 


Uitwerking van bijzondere interventieprocedures in functie van de technologische vooruitgang en de nieuwe geïdentificeerde risico's

 

Hoewel het jaarlijks gemiddelde aantal branden geleidelijk daalt, kwamen bijzondere gevaren naar voren die het KCCE ertoe geleid hebben om bijzondere interventieprocedures uit te werken.

 

 Enkele voorbeelden:

 

  • Zonnepanelen vormen een bijzonder gevaar op elektrocutie bij een dakbrand.
  • De transporten van gevaarlijke producten over de weg worden steeds talrijker en leveren evaar op vervuiling, ontploffing, besmetting of corrosie op.
  • Een nieuwe tendens in onze maatschappij is het houden van nieuwe huisdieren, zoals tarantula's en slangen gaande van pythons tot boa constrictors.
  • Het aantal hybridevoertuigen (die verschillende brandstoffen gebruiken: koolwaterstoffen, elektriciteit, ...) groeit steeds verder.
  • De passiefhuizen zijn bijzonder goed geïsoleerde huizen en leveren bij brand bijzondere ontploffingsgevaren op.
  • De nieuwe bouwmaterialen geven bij brand zeer giftige rook vrij en vereisen bijzondere voorzorgsmaatregelen.
  • Gebouwen worden steeds hoger en de interventieprocedures « hoge gebouwen » moeten gestandaardiseerd worden.

 

 Top

 


Het KCCE is ontstaan uit de Hervorming en stelt vandaag zijn expertise in het bijzonder ten dienste van deze hervorming.

 

Vooral wat de werkzaamheden van de Task Forces 2009 betreft .

 

Onder de essentiële werkzaamheden die de Hervorming toevertrouwde aan de 32 in het land opgerichte Task Forces (TF) bevond zich de verzameling van vele inlichtingen op verschillende formulieren die ons moeten toelaten om een duidelijke foto te hebben van de situatie van de brandweerdiensten en om de beschikbare gegevens aan te vullen en te corrigeren.

Eind 2009 beschikken wij over volledige en bevestigde gegevens voor 15 van de 32 zones (er werd een nieuwe herinnering gestuurd om deze gegevens aan te vullen). Indien dit resultaat minder is dan verhoopt, dan is het niettemin een bruikbare referentiebasis voor verschillende prognoses.

 

Top

 


Nieuw model van interventieverslag

 

Het KCCE heeft een nieuw model van interventieverslag opgesteld dat in gebruik is sinds 1 januari 2010. De standaardisering van dit verslag maakt onder meer een statistische databank op zowel zonaal als federaal niveau mogelijk.

 

De ministeriële omzendbrief van 11 december 2009  voert dit nieuwe verslag in en legt het gebruik ervan gedetailleerd uit.

 

Een FAQ (lijst van meest gestelde vragen)  vult de informatie van de omzendbrief verder aan.

Tot slot werd er tussen Kerstmis en Nieuwjaar een tweetalige telefoonpermanentie geopend door het KCCE om de brandweerlieden, die na het doorlopen van het verslag, de omzendbrief en de FAQ nog vragen hadden, een antwoord te geven.

 

Top

 


Evaluatie van het informatiseringsniveau van de brandweerdiensten

 

Het KCCE heeft de huidige informatiseringssituatie van de BW geanalyseerd dankzij een aantal module van de firma ABIWARE 'link', die de software ontwikkelt en commercialiseert:

 

ABIWARE : Informatiamodules

 

Versie
Verslag
AMB
PERS
PREV
MAT
WAG
BUDG
POST
AbiPlan
AbiDispatch
V5
137
74
136
127
123
120
108
106
111
80
V4
53
26
52
32
37
33
30
28
16
6
Totaal BW
190
100
188
159
160
153
138
134
127
86

 

Uit deze inventaris blijkt dat 190 BW van de 251 reeds beschikken over geïnformatiseerde interventieverslagen met een versie van de module ABIWARE die ons redelijk snel statistische gegevens kan geven.
De volgende stap beoogt om een systeem in te voeren dat toelaat om de « lokale » gegevens snel en doeltreffend naar het federale niveau over te brengen zodat er permanent betrouwbare statistieken opgemaakt kunnen worden.

 

Top

 


Het KCCE & zijn partners

 

Om deze pagina van het activiteitenrapport 2009 van de Civiele Veiligheid gewijd aan het KCCE  af te sluiten, lijkt het nuttig en hoffelijk om een aantal van haar partners te vermelden. Deze lijst is niet volledig en het KCCE staat steeds open voor nieuwe ontmoetingen die verrijkend zijn voor ons beroep.

 

  • In het kader van de ontwikkeling van technologische synergieën, werkt het KCCE nauw samen met de Dienst Materieel voor diverse projecten (de nieuwe hogedruklans COBRA, het schuimkanon Jet Foam, ... ). Het Centrum ontmoet dan ook bepaalde leveranciers van de ADCV.
  • Het KCCE heeft bovendien synergieën ontwikkeld met zijn partners in België en in het buitenland (ANPI, CNPP, ENSOSP, enz.)
  • Ontwikkeling van een programma « brandpreventieadviseur » in samenwerking met de dienst SLIV. Idem voor een programma « teamlid eerste interventie » en een sensibiliseringsproject voor jongeren.
  • Samenwerking met privépartners voor de handboeken van de cursussen (bijvoorbeeld AGORIA, PARADIGMA, CNPP) en opleidingsprojecten (BEL PV voor de zonnepanelen, TOYOTA voor de hybridevoertuigen)
  • Synergie met de VDAB voor de opleidingen « graafmachines » voor de leden van de Civiele Bescherming

 
 


Top